Wat thuis kan en wat niet
Een fitnesstrainer aan huis werkt met wat in een kofferbak past. Voor de meeste doelen is dat ruim voldoende, voor een paar niet. Hier staat de grens, zodat je vooraf weet wat je kiest.
Thuis minstens zo goed
- Sterker worden voor het dagelijks leven, tot ver boven wat de meeste mensen ooit halen.
- Conditie opbouwen, van nul tot een halve marathon uitlopen.
- Mobiliteit en balans; daar is nergens ter wereld een apparaat voor nodig.
- Vet verliezen en spier opbouwen in een normale verhouding.
- Herstellen na een blessure, in overleg met een fysiotherapeut.
Thuis beperkt
- Maximale kracht met zware halters: een deadlift van twee keer je lichaamsgewicht vraagt een rek en schijven.
- Bodybuilding met isolatie van afzonderlijke spieren; daar zijn apparaten handig voor.
- Zwemmen, roeien en andere sporten met een eigen omgeving.
- Trainen met meer dan vier mensen tegelijk.
Wat er meekomt
Losse gewichten, een kettlebell, elastieken en weerstandsbanden, een ophangsysteem en soms een medicinebal. Buiten komen daar bankjes, trappen, muurtjes en grote stenen bij. Het is wat de drie aanbieders zelf noemen, en het dekt in de praktijk vier van de vijf onderdelen volledig en het vijfde grotendeels.

Wanneer een sportschool alsnog logisch is
Als na een jaar de gewichten die in een kofferbak passen te licht worden. Dat gebeurt bij mensen die kracht als doel op zich hebben, en het is een goed teken. Een trainer aan huis zegt dat dan zelf, en de meeste mensen combineren daarna: één keer per week zwaar in een sportschool, de rest thuis.